Home
Augustijns Instituut Augustinus' Leven Augustinus' Werken Contact
zoeken
printen

V23 Caravaggio

Augustinus in habijt, een teruggevonden Caravaggio

 

Augustinus in habijt - Caravaggio

Ooit maakten maar liefst 15 schilderijen van Caravaggio deel uit van de kunstcollectie van de broers   Giustiniani. Slechts vijf daarvan hadden tegenspoed en oorlogen overleefd. Dat zijn er nu zes. Kunsthistorica Silvia Danesi Squarzina realiseerde zich, toen zij een foto van dit schilderij, afkomstig uit een oorspronkelijk Spaanse particuliere collectie, onder ogen kreeg, dat het een verloren gewaande Caravaggio uit het bezit van de Giustiniani moest zijn.

In het centrum van de compositie is Sint Augustinus afgebeeld. Hij draagt het karakteristieke augustijnse habijt: een zwart kleed met kap en capuchon, bijeengehouden door een leren riem. Op de bruinkleurige achtergrond zien we twee wanden van een studeerkamer, beide gevuld met een half hoge boekenkast waarin louter folianten staan. Bovenop de kasten liggen enkele boeken en een schedel. Linksboven op het hoekje van de kast staat zijn bisschopsmijter, een rode met linten.
                Augustinus zit achter een tafel waarop een egaal groen kleed ligt. De tafelrand onderaan bakent het beeld af. Op de voorgrond in het midden van de tafel ligt een boek dat hij kennelijk al geraadpleegd heeft: de leren bandjes aan de voorkant van het boekblok zijn losgeknoopt. Zijn linkerhand rust op de rechterpagina van een opengeslagen boek. De handpalm komt iets omhoog: alleen de duim en de vingertoppen rusten op het papier, de vingers zijn gespreid. Het licht komt van links en fraai valt de schaduw van de vingers onder en achter de schelp van zijn hand. Augustinus leest: zijn hoofd een weinig naar links en naar beneden gebogen, de oogleden -half gesloten- beperken zijn blik tot het boek.  Donkere penseelstreken vormen de rimpels op zijn voorhoofd maar het zachte rode licht geeft zijn gezicht een warme gloed. Een jong gezicht, omringd door zware wenkbrauwen en een halflange donkerbruine baard en snor. Op zijn hoofd is de grote tonsuur goed te zien. In zijn rechthand houdt hij tussen duim en wijsvinger een ganzenveer gereed om aantekeningen te maken op het papier dat onder zijn hand ligt. Boven het papier ligt een mesje om de punt bij te slijpen. Nergens is beweging, er heerst stilte, diepe concentratie. 

De collectie van de broers Benedictus (+ 1621) en Vincenzo (1564-1637) Giustiniani behoort qua omvang en documentatie tot de belangrijkste kunstverzamelingen uit de 17de eeuw. Zij zijn de erfgenamen van een rijk geslacht dat tot in de 16de eeuw het eiland Chios regeerde. Met hun vader moeten zij vluchtten, gaan naar Rome waar ze zich ontwikkelden tot bankiers, mecenassen en kunstverzamelaars. In een van de catalogi van hun verzameling wordt het nu teruggevonden doek in 1638 beschreven als “een halffiguur van Sint Augustinus op doek, afmetingen 5,5 handpalmen hoog en 4,5 handpalmen breed, van de hand van Michelangelo da Caravaggio, in zwart habijt, opgeslagen in de eerste kamer van de schilderijen”.
                De kunsthistorica schrijft dat een toeschrijving en identificatie op basis van een oude inventarislijst van een oude collectie vaak onzeker is, maar niet in dit geval. Het perkamenten etiket op de achterkant van het doek vermeldt namelijk in het Spaans de naam en het adres van de nieuwe eigenaar, gedateerd op 13 april 1859. Het betreft markies Vincenzo Giustiniani Recanelli Pantaleo, die in 1857 na een lang slepende rechtszaak de wettelijke erfgenaam werd van het restant van de Giustinianicollectie;  het grootste deel was al in 1815 verkocht aan de koning van Pruisen.   
            De grootte van het doek, 120 x 99 cm, komt overeen met het genoemde aantal handpalmen. Inmiddels is het schilderij gereinigd en ontdaan van het sterk vergeelde vernis dat in 1788 was aangebracht. Het röntgenonderzoek  in 2010 door het Hamilton Kerr Institute in Cambridge bracht aan het licht dat Caravaggio het oor van Augustinus een centimeter naar links had verplaatst. Dat is typisch Caravaggio. Ook de houding van de hand, de toonzetting van de kleuren, de precieze weergave van grote vlakken en de vaardige orkestratie van de ruimte en het perspectief maken dit schilderij tot een echte Caravaggio. 
             En een echte Augustinus, in habijt, wat heel bijzonder is. Bovendien draagt Augustinus hier het door Michelangelo Buonarroti (1475-1564) vernieuwde habijt: de middeleeuwse dracht kende een kaproen, d.w.z. een korte kap of capuchon. Michelangelo verlengt deze capuche tot een ruim vallende schoudermantel. Er zijn vele afbeeldingen van Augustinus als bisschop of als gezaghebbend kerkleraar; er zijn veel minder portretten van hem als eenvoudig monnik zoals op de oudst bekende afbeelding uit St. Jan van Lateranen, een fresco uit de 6de eeuw. Gelukkig heeft Caravaggio deze levenskeuze levensecht geschetst.



Bronnen (bewerkt): Agostino, il Caravaggio ritrovato  en Engrammi 13 juni 2011

kleiner A  -  A groter
Sitemap
1 december 2015