Home
Augustijns Instituut Augustinus' Leven Augustinus' Werken Contact
zoeken
printen

V08

De kerk een stadion?

Wie denkt dat de concurrentie tussen halfvolle of zo goed als lege kerken in de zomer en de aantrekkelijkheid van volle stadions karakteristiek is voor de moderne tijd, vergist zich. In 321 werd de zondag op last van de Romeinse overheden tot een publieke rustdag verklaard voor rechters en stadbewoners en voor alle beroepsgroepen, behalve de boeren: die mochten zich vrijelijk wijden aan de akkerbouw. Vanaf dan wordt en blijft de dag des Heren een zorg voor elke predikant en pastor. Voor gelovigen als rustdag een uitkomst, maar niet altijd voor hooggestemde geestelijke idealen.

   Voorgangers, tijdgenoten en navolgers van Augustinus beklagen zich dat gelovigen op zondag verzuimen om naar de kerk te gaan en in plaats daarvan theaters bezoeken, naar het stadion gaan, de hoeren bekijken, het nachtleven ingaan en wereldse muziek beluisteren. Klachten hierover zijn ons bewaard gebleven van Pseudo-Eusebius van Alexandrië, Caesarius van Arles, Martinus van Braga en Gregorius van Tours. Ook bij Ambrosius en Augustinus komen we in hun preken enkele keren enige teleurstelling op het spoor als er maar weinig mensen zijn op komen dagen. Voor Augustinus overigens aanleiding om niet bij de pakken neer te zitten, maar hoog op te geven van de veronderstelde motivatie bij de gelovigen om de kerk te bezoeken. Aanleiding voor een feestelijk lange preek. De kerk is soms zo gek nog niet, in vergelijking met de stadions. Om maar één punt te noemen: na afloop van de bijeenkomst komen er uit een kerk nooit supporters die vanwege verlies van hun idolen zwaar teleurgesteld zijn. In het stadion van de kerk winnen alle aanhangers.

    Ter illustratie het volgende fragment. "U begrijpt," zo bemoedigt Augustinus de kerkbezoekers in Hippo op een feestdag in 417, "dat u vandaag dus helemaal geen spelen hebt laten schieten, maar dat u er juist bewust voor hebt gekozen. Moge God het u vergunnen dat u uw vrienden, die vandaag tot uw verdriet naar het stadion stormden en geen zin hadden om naar de kerk te komen, binnenkort ziet en hun vol enthousiasme kunt vertellen over de spelen die u hebt bezocht! Dan beginnen de spelen die het niet waard zijn om ervan te houden ook in hun ogen waardeloos te worden. Dan gaan zij samen met u van God houden. En niemand hoeft zich ervoor te schamen van God te houden, want van God houden betekent van de onoverwinnelijke houden. Dan gaan zij van Christus houden, die de wereld juist heeft overwonnen door overwonnen te lijken. Ja, Christus heeft de hele wereld overwonnen, broeders en zusters, zoals wij zien. Alle machten heeft Hij onderworpen, alle heersers onder zijn juk gebracht, niet met een leger fiere soldaten, maar met een kruis dat het mikpunt van spot was. Niet door te zwaaien met het zwaard, maar door te hangen aan het hout. Door te lijden met het lichaam, door te handelen met de geest (1 Pe 3,18). Zij hingen zijn lichaam aan het kruis, maar Hij onderwierp hun geest aan het kruis. Bestaat er per slot van rekening een kostbaardere parel aan de kroon van een heerser dan het kruis van Christus op het voorhoofd? Nee, voor uw liefde voor Christus hoeft u zich nooit te schamen. Hoeveel mensen keren niet verslagen terug van het stadion, wanneer hun favorieten verslagen zijn? Toch zouden zij nog erger verliezen als hun favorieten de overwinning hadden behaald. Dan zouden zij immers het slachtoffer worden van vreugde om niets, van opwinding om een verkeerd soort verlangen. Door naar de spelen te hollen, zijn ze dus per definitie verliezers. Hoeveel mensen hebben er volgens u, broeders en zusters, vandaag niet staan dubben, of ze naar de kerk zouden gaan of naar het stadion? Degenen die in hun twijfel Christus voor ogen hielden en zich naar de kerk haastten, hebben niet zomaar iemand overwonnen, maar de duivel zelf, de boosaardigste jager van de hele wereld. Maar degenen die in hun twijfel liever naar de spelen wilden, zijn beslist door dezelfde duivel verslagen, die door de kerkgangers is uitgeschakeld, uitgeschakeld in naam van Hem die zegt: "Houd moed en verheug u: Ik heb de wereld overwonnen." (Joh 16,33)

Tekst: Hans van Reisen
Gebruikte literatuur :
Van aangezicht tot aangezicht: preken over teksten uit het evangelie volgens Matteüs [Sermones de scripturis 51-94] / Aurelius Augustinus; vertaald en van aantekeningen voorzien door Joost van Neer, Martijn Schrama en Anke Tigchelaar; ingeleid door Joost van Neer. - Amsterdam: Ambo-Anthos, november 2004. - 676 p. - ISBN: 90-263-1890-1. p. 45-46.
Als lopend vuur: preken voor het liturgische jaar 2 [Sermones de tempore II] / Aurelius Augustinus; vertaald en van aantekeningen voorzien door Richard van Zaalen, Hans van Reisen en Sander van der Meijs. - Amsterdam: Ambo, april 2001. - 315 p. - ISBN: 90-263-1689-5. p. 27

 

kleiner A  -  A groter
Sitemap
1 december 2015